maandag 26 oktober 2009

Stage HDM5

26 oktober 2009 - Nieuwe Eemland College (Amersfoort)

Het begon allemaal goed vanmorgen toen ik om 6:45uur opstond. Rustig ontbijten, douchen, fietsen naar het station. Ík was op tijd op het station maar het ándere belangrijke deel, namelijk de trein, was niet op tijd. Na 15 min. vertrok de intercity richting Enschedé dan eindelijk. Op Amersfoort CS lukte het ook niet gelijk om een andere bus te vinden dan in de planning stond. Dan maar bus 70 richting Hilversum die mij om 8.40 afleverde in de buurt van de school. Zodra ik uitstapte klopte de omgeving niet met waar ik volgens 9292ov zou zijn uitgestapt met de bus waarmee ik had moeten komen. Na een half uur verdwaald te zijn, en scholieren op fietsen achtervolgd te hebben, betreed ik het terrein van het Nieuwe Eemland. Het zou net zo goed een campus in Engeland kunnen zijn waar ik loop, maar gelukkig heb ik de foto's van de website in m'n hoofd en komen die aardig overeen, op het Schotse weer van vandaag na. Het gebouw dat veel wegheeft van een kasteel, staat er al enige tijd. In de afgelopen decennia zijn er wat stukken aangebouwd en biedt het gebouw ruimte voor 1300 leerlingen. Verdwalen is niet moeilijk want door alle aanbouw is er geen vaste structuur meer te herkennen. Het muzieklokaal bevindt zich appart van het hoofdgebouw en is volgens de conciërge die me de weg wijst het mooiste lokaal van de school. Het lokaal bevat het bekende instrumentarium van combo instrumenten tot keyboards en marimba's. Een trap leidt naar de zolder die extra ruimte biedt voor bijv. het oefenen van de speelstukken.

Dan ontmoet ik de man waarmee ik al telefonische en emailcontact heb gehad, voor en in de herfstvakantie. Zijn naam is Paul Koolen en hij geeft les sinds lang voor de tijd dat mijn moeder mijn bestaan in de planning had. Hij is geboren, getogen en woont in de zuiderlijke streken van het land: limburg. En het is daarom niet gek dat hij van de blaasinstrumenten en harmonie is. (Overigens de eerste in Nederland die hoofdvak bügel heeft gestudeerd)


Het 2e lesuur

De eerste les die ik bijwoon. Een 5 vwo groepje van 5 meiden, dat is het... Ze beginnen met solfége en oefenen zelfstandig zonder hulp van een instument een melodie in D groot. Dan komen ze weer bij elkaar en laten horen wat ze kunnen. De ene meid heeft alvast de volgende 2 regels geoefend. De andere kon net nog voor zichzelf de eerste regel, maar de spanning is nu iets te veel. Ijverig zijn ze alle 5 en het verbaast me wat ze allemaal al kunnen. Aan het eind van de les laten ze hun zangkwaliteiten en -enthousiasme horen. Ze kennen meerdere 4-stemmige stukken uit het hoofd.

Pauze

3e lesuur

Dan nu een brugklas. Ik zit tussen de leerlingen aan de zijkant en kijk hoe Paul deze klas controleert. Deze klas is enthousiast en moet de grenzen van het uiten hiervan leren kennen. Paul is een docent die weet hoe ie het hebben wil. Hij geeft ruimte voor een goede sfeer en gezelligheid maar corrigeert op het punt waar het gedrag hinderlijk wordt. De leerlingen met de brutaalste mond pakt hij het snelst en hardst aan.

Aandachtspunten:
* Het meisje in de hoek staat haar woordje klaar
* De jongen in midden van de middelste rij zit graag achterom.


Pauze

4e lesuur

Een 2e klas waarin het niveauverschil met de vorige groep direct te merken is. Deze leerlingen voelen zich al meer thuis en de 'stoere' jongens kan je eruit pikken. Eén jongen doet iets te stoer en word na meerdere opmerkingen aangesproken en krijgt straf voor na schooltijd, 'en een telefoontje naar huis' wordt toegevoegd. Nu kan hij het niet laten hier ook nog eens een opmerking over te maken en voor meneer Koolen is de maat vol: "Sodemieter maar op". De stilte vult de ruimte en je hoort de harten kloppen.
Na dit punt komt er vrij snel weer een ontspannen sfeer terug in de rustige spreektoon van Paul en hij gaat rustig verder met uitleggen van de termen consonsant, dissonant, beat, afterbeat etc.
De leerlingen gaan zelfstandig aan de slag met een speelstuk en laten aan het eind van de les samen horen waar zo hard op geoefend is. De leerling die het perfect kan laat het in solo horen en daarna speelt iedereen weer.

Aandachtspunten:
*Thijs heeft een grote mond en vraagt om goede aanpak
*Verliefd stel moet appart zitten

5e lesuur

Laatste groep vandaag is weer een brugklas en die contrastreert ook weer met de eerdere brugklas van het 3e lesuur. Bijna de hele les wordt er gezongen. Alle liedjes van hoofdstuk 1 achter elkaar. Daarna komt onze tante uit Marokko langs en het "Jaap Zwart-lied" staat nog op het bord en word aangeleerd. Paul kent Jaap Zwart niet en dit is de naam die ik voor het lied heb bedacht. In het lied word de toonladder in 'do, re, mi'-vorm gezongen en dat is voor mij ook even oefenen, aangezien ik les heb van A.Berends die overigens ook hier heeft stagegelopen bij Paul.

Aandachtspunten:
*Rustige klas
*Bescheiden zang, komt nog niet veel uit


Dat was mijn observatiedag in Amersfoort. Vrijdag a.s. mag ik delen van de lessen van de bovenbouwgroepen gaan invullen, hierover volgt eerst nog overleg via emailcontact.

Goodnight.

maandag 1 juni 2009

27/05

Ik heb scene 3 en 4 ingestudeerd en het 3e lied ingestudeerd. Het lied is vrij lastig qua melodie maar ik vond het een goede uitdaging voor het niveau van deze groep. Ik kreeg een uur de tijd en precies op de minuut was ik klaar met het doornemen van beide scenes. Progressie in het tijd aanhouden dus.

Aandachtspunt:

Maak afspraken van te voren zodat tijdens het doornemen van de scenes er niet steeds ruis ontstaat waar je op moet reageren.

zaterdag 25 april 2009

Reflectie 22/04

Juf Maureen:

Warming-up duurt heel lang. Wat is het doel van napraten? (mimiek, drama?)

Denk aan de hoogte. Kinderen zingen een octaaf hoger. Geef die toonhoogte aan.

Kring. Toch maar wel jongen-meisje (Rafael, Jules & Marc)

Je bent heel duidelijk betreft alle goede ideeën die je niet alemaal hebt kunnen verwerken.

Je staat open voor ideeën.

Wanneer een kind aan het word is wil je dan zeggen dat de andere kinderen stil moeten zijn.

Goede opbouw van de les.



Vandaag was ik veel expressiever dan gewoonlijk bezig. Ik merkte dat dit positief werkt bij de klas. Zij worden ook expressiever en ze gaan meer op in het verhaal, vooral in het zingen. Voor mijn gevoel heb ik dat overdriven, maar nu was het gewenste resultaat er pas.



Voor de volgende keer:
- Warming-up kort houden
- Toonhoogte van de kinderen in de gaten houden
- Expressiviteit vasthouden, voor mijn gevoel blijven overdrijven

Reflectie 15/04

Lied aanleren: Handschrift op het bord wel onduidelijk
- Duidelijk met tekst op het bord geschreven in verschillende hoogtes
- Tip: Ook zonder gitaar, dan hoor jij de eventuele foutjes van de kinderen
- Leuk de wegveegmethode
- Aftellen voordat je begint te zingen. Of intro op de gitaar.
- Liedje in stukjes verdeeld. De kinderen doen het goed. Het zou leuk zijn om na die stukjes toch alles nog te zingen, ondanks tijdgebrek

Opdracht wordt binnen 30 sec. Uitgelegd. Is de opdracht voor iedereen duidelijk? Pak terug op vorige week: “Al die leuke ideeën war we toen geen tijd voor hadden. Daar krijg je nu de kans voor!” Enthousiasmeer ze!


Kortom:
- Ik ga in de komende les voor mijn gevoel overdrijven in het expressief vertellen en enthousiasmeren.
- Bij het zingen laat ik de klas tussendoor acapella zingen

donderdag 9 april 2009

De muscial

Belangrijk voor mogelijke bloglezers, dit is het verhaal van mijn musical:

(TITEL)

Ergens in de ruimte, ver van de planeet Aarde, ver van ons zonnenstelsel de Melkweg, wel 15 miljard lichtjaren hier vandaan, bevind zich de planeet Prisma. De planeet heeft de vorm van een halve bol, niet rond en bol zoals wij planeten kennen. De naam Prisma is niet zomaar een naam die verzonnen is, die is bewust gekozen omdat het iets vertelt over de bijzonderheid van de planeet. Er is namelijk altijd 1 hele grote regenboog die helemaal van het westen tot het oosten buigt. Dit komt doordat het altijd regent in het midden van de planeet en de zon altijd aan de horizon schijnt. De regenboog is heel belangrijk voor de planeet met zijn bewoners. Het licht van de kleurrijke regenboog zorgt namelijk ervoor dat:
1. Er Prisplanten groeien die de bewoners van Prisma, ook wel Prismo’s genoemd, eten om te kunnen leven. Elke prisplant is regenboogachtig gekleurd en heeft daardoor verschillende smaken door elkaar.
2. De regenboog zorgt er ook voor dat elke Prismo regenbooggekleurd is en dit regenbooglicht schijnt waar hij komt. Zonder dit regenbooglicht is de Prismo nutteloos blanco, zonder licht of kleur en word hij doodongelukkig.

Eens in de duizend jaar word het zonlicht voor een dag verhinderd doordat er een maan tussen de zon en Prisma in komt staan die het licht van de zon tegenhoud. Het zonlicht word 24 uur verhinderd. Hierdoor verdwijnt de regenboog voor een tijdje. Dit heeft ernstige gevolgen:
Er groeien geen Prisplanten meer waardoor er geen eten is voor de Prismo’s. En nog erger, de Prismo’s verliezen hun regenboogkleur en worden blanco waardoor de Prismo geen licht meer verspreid. De Prismo heeft liever licht dan geen licht, en daarom is het gevaarlijk als de regenboog verdwijnt..

Er is namelijk nog een andere bevolking op de planeet Prisma, zij kunnen het regenbooglicht niet verdragen omdat zij het zwarte licht in zich hebben. Zodra zij regenbooglicht over zich heen krijgen, worden zij weer een regenbooggekleurde Prismo. Alleen, zolang zij vervuld zijn met het zwarte licht, willen zij dit absoluut niet. Zij worden de duistere prismo’s genoemd. Dit zwarte licht zorgt ervoor dat een Prismo onder de macht van de duistere vorst Duistermacht valt en hij vergeet wat kleur is. De duistere Prismo’s zijn onder de macht van de duistere vorst Duistermacht gevallen tijdens de vorige regenboogverdwijnramp en wonen sindsdien in de bergkloof in het zuiden waar het regenbooglicht niet schijnt.
De duistere vorst Duistermacht en zijn duistere prismo’s weten maar al te goed dat er een regenboogverdwijnramp staat te gebeuren. Het is namelijk inmiddels duizend jaar geleden dat dit voor het laatst gebeurde, dat betekent dat spoedig de maan weer voor de zon zal komen te staan. Zij smeden een plan om de Prismo’s te kunnen verleiden om het zwarte licht aan te nemen zodra de regenboog verdwijnt. Dit zwarte licht zorgt er voor dat de Prismo onder de macht van de duistere vorst Duistermacht valt en vergeet wat kleur is.

De Prismo’s beseffen dat ze de maan niet kunnen stoppen en de zon niet kunnen verplaatsen. Er zal iets op planeet Prisma moeten gebeuren om voor regenbooglicht te zorgen.
Maar de Prismo’s komen er niet uit, en het lot slaat toe. Het word duister en het grootste deel van de Prismo bevolking laat zich verleiden om het zwarte licht aan te nemen.


Er is echter nog een groepje Prismo’s over die weigert het zwarte licht aan te nemen
Ze gaan naar de oude wijze Prismo, Fonkelstijn genaamd. Hij is oud en wijs en hij is deskundig op het gebied van de van de regenboog. Van de oorsprong van de regenboog tot de geschiedenis van de regenboogverdwijnrampen tot nu toe, een boekenkast vol boeken heeft hij erover gelezen. Hij is zo oud en heeft zo lang in het licht van de regenboog geleefd dat hij altijd regenbooggekleurd blijft, zelfs als de regenboog een tijdje niet schijnt. Hij woont helemaal in het oosten. Daarom moeten de Prismo’s reizen om hem om raad te kunnen vragen. Eenmaal aangekomen bij de wijze Fonkelstijn vertellen ze dat heel het Prismo volk gevallen is voor het zwarte licht en vragen ze hem of hij hun goede raad kan geven.

De wijze Fonkelstijn bedenkt samen met de Prismo’s een oplossing:

De oude wijze Fonkelstijn vertelt:
Er bestaat een mythe, dat als de Prismo muziekmaakt er een regenboog gaat schijnen. 1 voorwaarde is alleen dat in de muziek de kleuren blauw, geel en rood moeten worden uitgebeeld in klank. Zodra alle drie de kleuren tegelijk klinken ontstaat er een regenboog.
Ze gaan onder leiding van de oude wijze Prismo leren de kleuren blauw, geel en rood uit te beelden in klank. Dan reizen ze naar de donkere bergkloof in het zuiden waar ze in het midden van de kloof hun muziek zullen laten klinken waardoor midden in de kloof een regenboog zal ontstaan en alle Prismo’s weer normaal zullen worden.

Dit voeren ze uit en alle Prismo’s en zelfs Duistermacht en zijn raadgever worden gekleurd. Niet lang daarna is de zonsverduistering over en schijnt er in het midden van Prisma weer een grote regenboog.

08/04/2009

Lesinhoud:
Ik heb het openingslied van de musical geschreven en die wil ik aanleren. Hoofddoel is echter het vastleggen van het verhaal en scenes verdelen d.m.v. een klassengesprek. Hierbij gebruik ik het bord en betrek ik zoveel mogelijk leerlingen, ook de stille.


Leerdoelen:
- De leerlingen participeren in het groepsgesprek en geven mogelijkheden voor de sceneverdeling. Dit leg ik vast.
- De klas zingt het lied zonder teksthulp, zuiver en goed getimed. Overtuiging eisen.



Reflectie:

Ik begon de les met een warming-up en het aanleren van het refrein van het openingslied.Op het eind van de les zou ik terug komen op het lied en ook de coupletten aanleren.
Voor het klassengesprek had ik 20min. willen uittrekken, dit werd 35min. Hoewel ik de tijd in de gaten had besefte ik dat het ook tijd kost om het hele verhaal vast te leggen met de klas samen en besloot ik alvast het hele openeningslied de volgende keer aan te leren.
Het verhaal is vastgelegd d.m.v. het klassengesprek waarin iedereen participeerde.
De klas kan het refrein uit het hoofd, zuiver en goed getimed zingen met bijhorende door een leerling verzonnen gebaren. De overtuiging is er uiteindelijk als ik het lied beeldend voor ze heb gemaakt en ze zich inleven in dat ze straks op het podium staan en de achterste rij mensen het ook moet kunnen verstaan.

De volgende keer moet het openingslied ingestudeerd worden en laat ik de leerlingen in groepjes de scene’s invullen op een door mij gemaakt A4. Dit werk ik om tot 1 verhaal met sceneverdeling en inhoud die iedere leerling krijgt. Dan kan er begonnen worden met het toneelspelen.

01/04/2009

Vandaag wilde ik mijn zelfbedachte verhaal voorlezen. Dit verhaal bevatte gaten ('hm-hm') die op gevuld moesten worden met namen die de kinderen moesten verzinnen.
Eerst las ik het verhaal voor en daarna nog een keer en in de loop van het verhaal 1 voor 1 de 'hm-hm's vervangen met namen die zij bedachten.
Als afsluiting 'In The Jungle' zingen.

Vandaag kwam Christiane op stagebezoek. Zij schreef het volgende:

Inhoud les:
Er is een groot gedeelte (bijna 40 minuten) van je les naar het verhaal gegaan en maar 5 minuten naar een bekend lied. Onder deze omstandigheden was dat even nodig, maar ik heb daardor niet zoveel vakdidactie van je kunnen zien.

Verzorging materiaal:
Heb ik niet gezien omdat je het niet hebt uitgeprint. Wil je me die nog mailen?

Organisatie:
Je hebt je heel goed aan de tijd gehouden, prima! Ik zou die laptop een iets minder prominente rol in je les laten spelen (zie ook hieronder). Bordgebruik geeft meer bewegelijkheid, inzichtelijkheid van je les (voor de kinderen) en daardoor meer betrokkenheid van de kinderen.

Instructie:
Denk om je taalgebruik, soms ben je wat te moeilijk
Herhaal gegeven antwoorden; je zegt nu ‘ja’ of ‘kweenie..’
Betrek de hele groep bij een gesprek dat je voert met één kind, het is nu heel statisch en 1 op 1.

Omgang met de groep:
Het eerste deel van de les was erg docentgericht en docentgestuurd. Ik heb daardoor nog niet zoveel kunnen zien.
Verhaal vertellen: Je introduceert het verhaal in de groep. Probeer de klas te enthousiasmeren door gevarieerd stemgebruik en expressie, zoals het nu uitziet zou het ook kunnen dat je instructie geeft voor het invullen van een belastingformulier. Maak het spannend, maak het sprankelend, betrek de kinderen erbij!
Je vertelt het ‘hm-hm’ verhaal vanaf de laptop. Woorden als ‘duister’, ‘echter’, ‘spoedig’, ‘verhinderd’, ‘verleiden tot het aannemen van het zwarte licht’, ‘onder de macht vallen van de zwarte hm-hm’.
Denk je dat de kinderen dit taalgebruik begrijpen? Ze zijn pas 8 jaar oud...

Je gaat na het vertellen van het verhaal meteen over tot ’t invullen van de ‘hm-hm’s’. Ga je niet te snel? Hebben de kinderen het verhaal begrepen? Misschien kun je de kinderen beter eerst het verhaal in eigen woorden laten vertellen; dan heb je het vanaf dat moment over hetzelfde.
Zorg dat je gegeven antwoorden herhaalt en dat je er een ‘klassengesprek’ van maakt: betrek alle kinderen in het gesprek, laat kinderen op elkaar reageren, vraag kinderen (de stille!) naar hun mening over ’t idee van een ander (degene die elke keer ’t antwoord geeft).
Pas als de kinderen rolverdelen wordt je echt enthousiast en is dat ook aan je te zien en zien we je lachten en een beetje bewegen. DAN wordt ’t leuk!! Probeer dat veel meer te doen, laat je eigen plezier en enthousiasme zien.
Goed idee dat je zelf meedoet als Fonkelstein!! Leuk!
Leuk dat de kinderen uiteindelijk erg enthousiast worden. Ze hebben er zin in!

Muzikaltiteit:
Ik heb niet zo heel veel kunen zien. Je inzingen is leuk; hier laat je meer van jezelf zien.
“In The Jungle”-> goed idee dat je toon overneemt. Zorg wel dat je tacteert; het “A woeoeoeoe” zakt nu in, de spanningsboog verdwijnt. Het maakt je nu ook krachtig. Daarom deed je het wel; veel beter! DENK EROM! NIET AFTELLEN!! Je bent muziekdocent.



Uit de nabespreking hebben Christiane en ik 2 hoofdpunten geconcludeerd:
1. Ik mag nog veel meer expressie toepassen in m’n vertellen en spreken met de klas
2. De laptop moet ik niet tijdens de les gebruiken. Deze schept afstand doordat de leerlingen niet kunnen zien wat ik doe. Gebruik van bord is beter.

Juf Maureen schreef het volgende:

- Je bent consequent betreft vingers. Houd wel de lieve kinderen die keurig op hun beurt wachten in de gaten. Zij worden vergeten
- Je blijft heel rustig
- Goed, je houdt de tijd in de gaten
- Leuke afsluiting: In The Jungle
- Wat is het doel van de computer. Vind ik vrij onrustig. Duurt allemaal zo lang.
- Let op. Kinderen zingen vrij hoog dus zet het lied hoog in.

Conclusie:
1. Let op de stille kinderen die ook hun vinger opsteken
2. Laptop weg
3. Let op de intonatie van de kinderen bij het zingen